NL EN

Wegwijs in de ‘jungle of sustainability’ - Deel 2: Mark van der Burgt, CCO van Vetipak

Producenten, verpakkers, retailers, overheden, consumenten… allemaal worstelen we met duurzaamheid. Dat het beter moet, is helder. Maar hoe? Op zoek naar antwoorden duiken we in de ‘jungle of sustainability’.

 

In het tweede deel van deze serie spreken we met Mark van der Burgt, chief commercial officer van Vetipak. Het is zijn wens dat opdrachtgevers en co-packers eerder met elkaar om tafel gaan om de mogelijkheden van duurzame oplossingen met elkaar bespreken.

 

‘Jungle of sustainability’ is een gevleugeld begrip bij Vetipak. In de strijd om zo duurzaam mogelijk te verpakken, zie je immers door de bomen vaak het bos niet meer. En dat is Mark een doorn in het oog.

 

“Zelfs als je je uiterste best doet om ‘het goede’ te doen, weet je niet altijd zeker of je dat ook daadwerkelijk doet”, licht de CCO toe. “Op het gebied van duurzaam verpakken bestaat er immers niet zoiets als ‘de waarheid’. Er is altijd wel een andere mening of een onderzoek dat het tegenovergestelde aantoont. Enerzijds stoor ik me daaraan, anderzijds vinden we het een uitdaging om hier onze weg in te vinden en voor onze opdrachtgevers het pad te banen.”

 

“We willen dat het onderwerp veel

nadrukkelijker op de agenda komt”

 

Vijfperspectievenmodel

De benadering van het Vijfperspectievenmodel van het KennisInstituut Duurzaam Verpakken (KIDV) vindt Mark daarbij een goed uitgangspunt. “Niet dat we er dagelijks op teruggrijpen, maar het laat wel mooi zien vanuit hoeveel perspectieven je naar duurzaamheid kunt kijken. En hoe complex het probleem dus is. Klanten die we op weg helpen met hun sustainability targets reageren dan ook heel positief op dit model.”

 

 

 

Die complexiteit ontslaat Vetipak en haar opdrachtgevers niet van de plicht om de uitdaging aan te gaan, vindt Mark. “Integendeel”, zegt hij strijdbaar. “In het vorige blog zei Chris dat heel goed: de maatschappij heeft ons een license to operate gegeven. Dus moeten we onze verantwoordelijkheid nemen. Vandaar ook bijvoorbeeld deze blogserie: we willen dat het onderwerp veel nadrukkelijker op de agenda komt.”

 

Adel verplicht

Maar wat heeft Vetipak zelf de afgelopen jaren gedaan? Adel verplicht, zou je zeggen. “Dat klopt”, aldus Mark. “En we hebben ook bepaald niet stilgezeten. Soms met succes, soms ook niet.”

 

Succesvol in technisch opzicht was het toepassen van papier-PE, zeven jaar geleden. Commercieel gezien is die oplossing echter nooit écht doorgebroken. “Vooral vanwege de prijs, die zo’n 20-25 procent hoger lag.” En ook ten aanzien van duurzaamheid was er een kanttekening. “Uiteindelijk was het toch een laminaatoplossing, die daardoor moeilijk te scheiden was.”

 

 

“Van je fouten leer je misschien

wel meer dan van je successen”

 

 

Andere mindset

Toch is Mark tevreden over die eerste stap. “Die heeft iets in gang gezet: een leerproces dat waarschijnlijk nooit meer ophoudt. En als we bij Vetipak eenmaal ergens onze tanden in hebben gezet, laten we niet snel meer los.”

 

In de jaren daarna volgden dan ook allerlei onderzoeken en experimenten. Zo is inmiddels het hele machinepark op monomateriaal voorbereid en is er een duidelijke relatieve groei van monoverpakkingen ten opzichte van laminaten. Dat is overigens niet alleen het gevolg van de technische ontwikkelingen, maar ook van een andere mindset, benadrukt Mark. “Al kan het een natuurlijk niet zonder het ander.”

 

Doorbraak

Een belangrijke doorbraak vond vorig jaar plaats: Vetipak introduceerde vijf papieren monoverpakkingen die volledig recyclebaar zijn. Voor het sealen wordt – voor het eerst – een thermo-sealbare lak zonder kunststof gebruikt. “Eigenlijk zijn die verpakkingen het resultaat van die allereerste stap van zeven jaar geleden. Dan blijkt maar weer dat je van je fouten misschien nog wel meer leert dan van je successen.”

 

Daarnaast benadrukt Mark het belang van samenwerking. “Deze oplossing hebben we te danken aan onze strategische samenwerking met Packaging Partners. Samen zijn we goed om ons heen blijven kijken. Niet dat we er elke dag mee bezig waren, maar het onderwerp is nooit van de agenda verdwenen. Toen via Packaging Partners ook Gerosa Group erbij betrokken raakte, een van Europa’s toonaangevende producenten van bedrukte flexibele verpakkingsfolies, ging het snel.”

 

 

Papier versus plastic

Net als Chris neemt Mark een genuanceerd standpunt in als het gaat om de strijd tussen papier en plastic. Er is geen ‘beste keuze’, zo stelt hij. Alleen een ‘beste keuze voor die ene situatie’. Als voorbeeld geeft hij de inlay van een giftset die Vetipak samenstelt.

 

“Samen met de opdrachtgever hebben we goed gekeken naar het verschil tussen paperfoam en RPET. Op voorhand zou je zeggen dat paperfoam de duurzaamste keuze is, omdat dit honderd procent biologisch afbreekbaar is. Maar als je kijkt naar de levenscyclusanalyse van RPET – dat natuurlijk al gerecycled (R) is – zie je dat het verschil helemaal zo groot niet is. Zo’n RPET inlay kan namelijk zo’n elf keer gerecycled worden. Dus zeg het maar: wat is de beste keuze? Daarvoor moet je samen alles zorgvuldig afwegen. In dit geval gaf de uitstraling van de eco-based oplossing de doorslag voor de klant. Ook de communicatie die van je product uitgaat is namelijk belangrijk.”

 

“Stop bijvoorbeeld eens

met die oversized verpakkingen!”

 

Vroeg om tafel

Daarmee komen we aan wat Marks zijn ‘evangelie’ noemt: samenwerking. “En dan het liefst zo vroeg mogelijk in het traject. Chris zei het in het vorige blog ook al: ‘Verpakker en producent moeten samen optrekken: onderzoek doen, strategie bepalen, keuzes maken...’ Dat begint helemaal vooraan in de samenwerking, bij elke verpakking opnieuw.”

 

En het hoeft echt niet altijd om innovaties op het gebied van materiaal te gaan, aldus de CCO. Zo leidde een experiment van Vetipak en een van Europa’s grootste voedingsproducenten tot dertig procent minder materiaalgebruik door de stijfheid van het materiaal te verlagen van 130 mu naar 90 mu, mét behoud van eigenschappen.

 

“Maar laten we het KIDV-model er eens bij pakken”, vult Mark aan. “Ook op allerlei andere gebieden kunnen we winst behalen. Stop bijvoorbeeld met die oversized verpakkingen! Dat betekent niet alleen meer materiaal voor de verpakking, maar ook voor de omdoos. Om van de extra transportbewegingen maar niet te spreken… Als we daar allemaal vanaf dag één samen naar kijken, kunnen we heel simpel het laaghangende fruit plukken. Daar is de tijd rijp voor.”


Blogserie

Dit blog is onderdeel van onze serie Wegwijs in de 'jungle of sustainability'. Lees hier ook de overige delen:

Deel 1 met Chris Bruijnes, directeur van het Kennisinstituut Duurzaam Verpakken (KIDV)

Deel 3 met Erik Bunge, CEO van Smurfit Kappa Benelux